Illustrator

Soms zou ik willen dat ik illustrator was zodat ik alles kon tekenen wat ik zag, want tekeningen zijn zo prettig en mensen vaak erg tekengeniek.

Dan tekende ik de kleine vrouw die de metro aan zich voorbij laat gaan, want pas de volgende zal haar helemaal naar Schiedam brengen. Het metrostel zoeft weg in zijn felle kleuren, maar zij zit daar in zwart-wit op een ongemakkelijk ijzeren bankje tegen de vale tegelmuur. Ze draagt zwartgeverfde haren en een witte pet, zo een die open is vanboven (ze had een Japanse kunnen zijn, maar dat is ze niet) en kan niet met haar voeten bij de grond. Met de tenen naar beneden zwieren haar benen zachtjes heen en weer boven de grijze, in kauwgom gehulde tegels van het perron. Niet het ongeduldig schommelen van kinderbeentjes, maar een rustig wegstervende beweging.

Lees verder

Kamerplanten

Op 25 december 2018 gepubliceerd op Vers Beton. De illustratie is van Lisa van Vliet.

“A.. allo?” Haar stem kraakt twijfelachtig door de luidspreker. “Ja.. ja.” De deur zoemt open.

Hoewel ze perfect weet hoe de parlofoon te gebruiken, doet ze het met een aan afkeer grenzende onzekerheid. Net zo blijft haar gsm meestal eenzaam in zijn lader staan, met de namen van haar dochters veilig achter de grote knoppen geïnstalleerd. Wanneer oma er het hare van denkt, hoort of ziet ze niets.

Lees verder

Sneeuw

Vroeger was sneeuw een evenement. We openden ‘s avonds de gordijnen en trokken de rolluiken op. Er was niets te zien tot we het licht in de tuin ontstaken. Dan dansten duizenden fluorescerende vlokken voor onze ogen. Wij gingen de hele avond in de zetel zitten om door het raam te staren. De tv bleef uit en wij telden vlokken die zich samenvoegden tot wat de volgende dag ons speelterrein zou zijn. Op de één of andere manier sneeuwde het altijd in de nacht van zaterdag op zondag.

Lees verder

Alles van waarde is weerloos

I.

In oma’s mondhoek bungelde een drup zwarte chocolade. Met haar vals gebit vermaalde ze het ene na het andere paaseitje tot een drek warme chocopasta die ze met zichtbaar genoegen doorslikte.
‘De pure zijn de beste,’ zei ze, en ze graaide opnieuw naar het schaaltje blauw verpakte eitjes dat midden op de salontafel stond.
‘Dat wist ik nog.’ zei ik. Het was zo’n vijf maanden geleden dat ik haar gezien had en dat speet me.

Lees verder

Brief aan Lotte

Dag lieve Lotte,

Ik zag je vanmiddag staan op het marktplein van de stad waar ik ben opgegroeid. Je was op stap met de jeugdbeweging waar ik ook lid van was. Je hebt het naar je zin daar. Dat hoorde ik onlangs van je moeder. Het is zover gekomen dat ik met moeders praat. Ik herinner me hoe irritant ik het vroeger vond wanneer mijn moeder in de stad op een kennis botste. Ze kletsten honderduit en ik verveelde me stierlijk. Je kent dat wel. De geschiedenis herhaalt zich als een film zonder eind, alleen de acteurs wisselen en enkel de eerste take telt. Toen ik je daar zag staan met je blozende wangen, had ik zin om naar je toe te lopen en als een regisseur in je oor te fluisteren dat je dat moment vast moest houden.

Lees verder

Histoire d’amour

Ik las dit artikel in The New York Times en keek naar Night train to Lisbon. 

Ze heette Lissa met dubbele ‘s’ en we ontmoetten elkaar toen we een semester in Parijs studeerden. Waar kan een liefdesverhaal beter starten? “Lissa, je bent wel bon”, zei ik. Al klopt dat niet. Elle était bonne, parce qu’elle était une femme, une fille, maar ik kon het woordgrapje niet laten liggen. Ik was niet de eerste. Wel de eerste die haar daadwerkelijk meenam naar Lissabon.

Want ja, Lissa, zij was wel bon.

Lees verder

Agatha

Een koningin was er niets tegen. Gezeten in haar fluweelrode troon aanschouwde Agatha het wonderbaarlijke schouwspel van dansende lichamen. Handen wuifden in haar richting. Haar bevende handen wuifden zachtjes terug. Een glimlach krulde zich om de smalle lippen waarop ze zorgvuldig een laagje lichtroze lippenstift had aangebracht, zoals ze dat elke dag deed. Jong en oud had zich op de dansvloer verzameld. En die vloer, die kraakte. Die vloer, die boog zich gewillig onder de schuifelende driekwartsmaat van een trage Kerstwals.

Lees verder

In Parijs

Het was op de laatste zonovergoten zondag van het najaar dat ik in Parijs arriveerde. Je kon de eerste bladeren al geel zien kleuren. Ik had graag eerst wat door de straten gekuierd. Me de stad eigen gemaakt, maar ik zou op maandag meteen op de universiteit starten.

Lees verder

The way we met

Inspiratie: een gesprek opgevangen in de lift en The way we met

Haar prins kwam met een grote gasbarbecue. Het was de eerste keer dat Lies een wedstrijd won.

Het was een barbecue van een bekend merk, een mooi ding. Het gedroomde tuinattribuut van de papperige vijftiger die de schijn van het fanatieke sporten hoog hield, maar dan af en toe wel een steakske had verdiend. Hij die niet van plan was daarvoor een uur op kolen te staan blazen. Hij die door zijn gasten gezien wilde worden. Die in zijn blote, diepbruine bast de worsten stond om te draaien. Of zijn barbecue dan door kolen of gas werd aangedreven zou hem – nu ja – worst wezen.

Lees verder

Dorpskind. (Vers #4)

Op 23 juni 2016 mocht ik met m’n mede-Topklassers onze verhalenbundel ‘Vers’ voorstellen aan een handjevol geïnteresseerden in de centrale bibliotheek van Rotterdam. Daarin lees je mijn kortverhaal ‘Dorpskind’. Verder ontdek je in de bundel het werk van nog zes schrijvers en twee dichteressen. Benieuwd? Koop ‘Vers’ voor een tientje – zoals die Hollanders dat zeggen – bij Donner op de Coolsingel. Voor Belgische familie en vrienden breng ik er graag eentje mee. Stuur me gewoon een mailtje als je er eentje wilt! Hier lees je alvast een voorproefje, dat ik ook heb voorgelezen aan het publiek tijdens de voorstelling.

Lees verder